Thuiswerken

De huidige pandemie heeft thuiswerken in een stroomversnelling gebracht. Wereldwijd zeggen werkenden: we gaan niet meer fulltime terug naar kantoor. Ik ken iemand die een strijkplank weken als bureau gebruikte. Anderen zitten op de kinderkamer met slechte wifi. Managen van onszelf gaat ook nog niet perfect. Maar in de regel zijn werknemers en werkgevers behoorlijk positief over thuiswerken.

Voor corona was thuiswerken al bezig aan een opmars. Onderzoek van Gallup van begin dit jaar liet zien dat een goede mix tussen thuis en op kantoor werken de betrokkenheid van medewerkers verhoogt. Dat leidt tot hogere productiviteit, lager ziekteverzuim en lager personeelsverloop.

Hoe ziet die ‘goede mix’ eruit volgens de cijfers van Gallup? In 2012 was dat: 20 procent thuiswerken en 80 procent op kantoor. In de jaren daarna is dat verschoven naar 60 tot 80 procent thuiswerken en de rest op kantoor.

Medewerkers willen zelf bepalen waar ze werken. Dat kan thuis zijn, maar ook op elke andere plek die ze prettig vinden. Na de pandemie zullen we een sterke groei zien op dit gebied.

Bedrijven zien voordelen in thuiswerken, en realiseren zich ook dat dit noodzakelijk is om goede mensen aan boord te krijgen en te houden. En als het prima ging met thuiswerken tijdens deze pandemie, waarom zou het dan straks niet kunnen?

Vier zaken waar we op moeten letten.

Sociaal contact: goede sociale contacten op het werk leiden tot een sterke verbetering in de onderlinge samenwerking. Managers zullen onderling contact moeten stimuleren.

Geestelijke gezondheid: wie zich mentaal goed voelt, levert betere prestaties. Een belangrijk element hierbij is het stellen van duidelijke grenzen tussen werk- en privétijd.

Fysieke gezondheid: wie voldoende slaapt, gezond eet en genoeg beweegt, presteert beter. Werken aan je gezondheid zou onderdeel van de werkdag kunnen worden.

De juiste tools: wie thuis even goede technische faciliteiten heeft als op kantoor, is duidelijk productiever. Slimme werkgevers investeren hier nu al in.